Minimumbelasting of ‘fairness tax’ voor vennootschappen ingevoerd

17.07.2013

De regering heeft via de wet van 30 juli 2013 houdende diverse bepalingen een minimale belastbare grondslag ingevoerd voor de vennootschapsbelasting en de belasting der niet-inwoners (vennootschappen). Deze ‘fairness tax’ of ‘billijkheidsheffing’ krijgt vorm in een nieuw artikel 219ter in het WIB 1992, dat er de berekeningsregels van bepaalt. Grote ondernemingen die vroeger geen belastingen betaalden, worden dus voortaan verplicht om een minimumbedrag aan belastingen af te dragen.

Foto : © Thorben Wengert, pixelio.de

Afzonderlijke aanslag
De ‘fairness tax’ is een afzonderlijke aanslag. Ze staat los van en komt bovenop de andere aanslagen die verschuldigd zijn op grond van het WIB 1992 of van bijzondere wetsbepalingen.
De heffing is van toepassing in situaties waarin voor hetzelfde belastbare tijdperk:
dividenden worden uitgekeerd door de vennootschap; en
het fiscaal resultaat wordt verminderd door toepassing van de aftrek voor risicokapitaal en/of de aftrek van overgedragen verliezen.
Berekening van de ‘fairness tax’
De grondslag van deze afzonderlijke aanslag bestaat uit het positieve verschil tussen de voor het belastbare tijdperk uitgekeerde brutodividenden en het uiteindelijk fiscaal resultaat dat daadwerkelijk onderworpen wordt aan het tarief van de vennootschapsbelasting (d.w.z. nadat de fiscale aftrekposten waarop de vennootschap recht heeft in mindering werden gebracht).
Die belastbare grondslag wordt vervolgens verminderd met het gedeelte van de uitgekeerde dividenden dat onttrokken wordt aan reserves die voorheen werden belast, en die uiterlijk in de loop van het aanslagjaar 2014 werden aangelegd. De onttrekking aan voorheen belaste reserves gebeurt volgens de ‘last in, first out’-methode.
Het verkregen saldo wordt beperkt volgens een percentage dat de verhouding uitdrukt tussen:
de overgedragen verliezen en de notionele interesten van het boekjaar die in mindering werden gebracht (teller); en
het fiscaal resultaat van het belastbaar tijdperk, exclusief de vrijgestelde waardeverminderingen, voorzieningen en meerwaarden (noemer).
De afzonderlijke aanslag is gelijk aan 5% van het aldus berekend bedrag. Samen met de aanvullende crisisbijdrage bedraagt ze 5,15%.
De ‘fairness tax’ is niet aftrekbaar als beroepskost.
De maatregel is van toepassing op alle vennootschappen, met inbegrip van de Belgische inrichtingen van buitenlandse vennootschappen, uitgezonderd op de vennootschappen die op grond van artikel 15 van het Wetboek van Vennootschappen op geconsolideerde basis als kleine vennootschappen worden beschouwd.
Op de ‘fairness tax’ zijn de voorafbetalingsregels van toepassing.
Inwerkingtreding
De afzonderlijke aanslag treedt in werking vanaf het aanslagjaar 2014.
Elke wijziging die vanaf 28 juni 2013 werd of wordt aangebracht aan de afsluitdatum van het boekjaar blijft zonder uitwerking voor de toepassing van deze nieuwe belasting.
Bron:Wet van 30 juli 2013 houdende diverse bepalingen, BS 1 augustus 2013. (art. 43-49 en 51 DB)