Vanaf 1 september pak meer informatie over rechts(on)bekwaamheid in bevolkings- en vreemdelingenregisters

01.09.2014

Vanaf 1 september 2014 zullen de bevolkings- en vreemdelingenregisters heel wat meer informatie bewaren over de rechtsbekwaamheid van meerderjarigen en de rechtsonbekwaamheid van minderjarigen.

Een eenvoudige melding van ‘de akten en beslissingen m.b.t. de bekwaamheid en onbekwaamheid’ volstaat niet meer. Er moet nu duidelijk worden aangegeven wanneer een vrederechter iemand onder de bescherming en begeleiding van een bewindvoerder heeft geplaatst. Mét daarbij een duidelijk onderscheid tussen ‘een bewind over het beheer van goederen’ en ‘een bewind m.b.t. handelingen die de persoon raken’. Ook de identiteitsgegevens van de bewindvoerder (naam, voornaam en adres) of de persoon vermeld in de rechterlijke beslissing waarbij een beschermingsmaatregel wordt opgelegd, beëindigd of gewijzigd, moeten worden gemeld.

De extra informatie is een rechtstreeks gevolg van de hervorming van ‘het statuut van wilsonbekwame personen’. Door de ‘Wet onbekwaamheid van 17 maart 2013’ zal er vanaf 1 september nog maar één globale beschermingsstatus bestaan waarbij men vertrekt vanuit het principe dat kwetsbare personen (zoals verstandelijk gehandicapten, dementerenden, enz.) hun rechten zoveel mogelijk zelf moeten kunnen uitoefenen.  Er wordt afgestapt van de ‘verlengde minderjarigheid’, ‘de onbekwaamverklaring’ en ‘de bijstand van een gerechtelijk raadsman’. Het systeem van ‘voorlopig bewind’ m.b.t. goederen geldt als basis en werd uitgebreid naar personen. De vrederechter moet voortaan duidelijk aangeven voor welke beslissingen en handelingen iemand bescherming en begeleiding nodig heeft van een bewindvoerder. Hij maakt daarbij een uitdrukkelijk onderscheid tussen bewind over goederen of over de persoon.

In dit kader is ook de vermelding van het statuut van ontvoogde minderjarige nieuw in de bevolkings- en vreemdelingenregisters. De registers bewaren ook de identiteitsgegevens van de voogd, van de toeziende voogd en de pleegvoogd.

Om een duidelijk onderscheid met het verleden te bewaren, vermelden de bevolkings- en vreemdelingenregisters – naast de identiteitsgegevens van de bewindvoerder – naargelang het geval ook uitdrukkelijk de identiteit van de persoon die iemand vertegenwoordigt of bijstaat die minderjarig, onbekwaamverklaard, afgezonderd, geïnterneerd is of onder het statuut van verlengde minderjarigheid is geplaatst.

De wetgever wil dat de identiteitsgegevens van de bewindvoerder ook in het Rijksregister worden opgenomen. Het KB van 21 juli 2014 wijzigt daarom niet alleen het KB van 16 juli 1992 over de opname van informatie in de bevolkings- en vreemdelingenregisters. Ook de lijst met verplichte informatie in het Rijksregister van het KB van 8 januari 2006 wordt aangepast.

 

Bron:Koninklijk besluit van 27 juli 2014 tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 juli 1992 tot vaststelling van de informatie die opgenomen wordt in de bevolkingsregisters en in het vreemdelingenregister en het koninklijk besluit van 8 januari 2006 tot bepaling van de informatietypes, verbonden met de informatiegegevens bedoeld in artikel 3, eerste lid, van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen, BS 27 augustus 2014.